lördag 26 september 2015

In het hol van de leeuw

'Ik was een vreemdeling' is het thema van een blogparade geïnitieerd door Friederike nav de actuele gebeurtenissen . Zij beschrijft hoe zij zich altijd en overal als vreemdeling ervaart, maar ook hoe het gevoel van vreemd zijn voor een kort moment kan verdwijnen:

'Manchmal gibt es diese Momente, wenn die Fremdheit weicht und man diese alte Jacke ausziehen und hinter sich auf die Stuhllehne hängen kann, für einen Augenblick, für einen Abend lang. Wenn man sich plötzlich zurücklehnt und denkt: Jetzt bin ich angekommen, jetzt bin ich zuhause, ganz ungeübt, für einen Augenblick, für einen Abend lang. Meistens sind es irgendwelche Winzigkeiten, ein Lächeln im richtigen Moment, eine freundliche Nachfrage, ein Essen mit Menschen, die sich langsam zu Freunden entwickeln.'

Voor mij is haar verhaal heel herkenbaar. Ook ik voelde en voel mij bij tijd en wijle een vreemde eend in de bijt.


In het hol van de leeuw
In 2000 ben ik met mijn man, een geboren en getogen Maastrichenaar, van München naar Den Haag verhuisd. Toen wij elkaar in de jaren 90 leerden kennen, heb ik mij niet kunnen voorstellen in hartje Nederland te wonen - heel misschien in Vaals of Heerlen, de grens binnen handbereik. Ik voelde mij als oorlogshitsende mof in Holland niet welkom. Maar de werkeloosheid in Duitsland was hoog en in de Randstad was werk. Dus zat ik op een dag in het vliegtuig naar Amsterdam.

Binnen vier weken na aankomst hoorde ik een verblijfsvergunning aan te vragen. Dat leek mij geen probleem. Tenslotte had ik op advies van de IND voor de makkelijke procedure gekozen: het  aanvragen van een vergunning op basis van mijn arbeidsovereenkomst met een Nederlandse werkgever, en niet wegens verblijf bij mijn wettige echtgenoot. Mispoes! Nadat ik twee ochtenden bij de vreemdelingendienst aan de Kennedylaan had doorgebracht, mocht ik ook nog een keer samen met mijn wederhelft opdraven om verdere vragen omtrent mijn verblijf in Nederland te beantwoorden. Verbazingwekkend dat zij van Peter niet wilden weten welk soort tandenborstel ik prefereer. In  Oostenrijk, drie jaar eerder, had ik de Lichtbildausweis für Fremde binnen een half uurtje op zak - dann behaupte noch mal jemand die Österrreicher seien bürokratisch.

Ik heb heel vlug geleerd wat het betekent autochtoon te zijn. Van de gemeente Den Haag ontving ik kort na de inschrijving bij de burgerlijke stand een brief met het voorstel in de kinderopvang of de ouderenzorg te gaan werken. Had ik niet zojuist mijn verblijfsvergunning ontvangen op basis van mijn betrekking bij een Nederlands bedrijf? Had ik de gemeente Den Haag al ook maar één gulden gekost? Nee, ik hoorde nu gewoon bij de categorie 'vrouwen van uw leeftijd en afkomst hebben allemaal zo'n brief ontvangen' .


In het eerste jaar leek het mij ook belangrijk een afspraak met  een gynaecoloog te regelen. Tenslotte was het meer dan een  jaar geleden dat ik het vervelende preventief kankeronderzoek voor het laatst had ondergaan. Ik pakde het telefoonboek,  doorzocht de letter G, zonder succes.
' Pie, ik kan in heel Den Haag geen enkele gynaecolog vinden' riep ik verontwaardigd.
' Dan kijk maar bij V van vrouwenarts' was zijn reactie. Maar ook een zoekactie bij V leverde niets op. Voorzichtig informeerde ik bij een collega of en waar zij het gynaecologische preventief onderzoek liet doen.
Afbeelding: Boomerang.nl
'Je bedoelt een uitstrijkje? Je wordt alle vijf jaren opgeroepen  en dan kun je gewoon bij de huisarts terecht'. De huisarts?  Straaltjes koud zweet begonnen over mijn rug te lopen.  Gelukkig kon ik mijzelf ervan overtuigen dat ik in de maling  was genomen, tot op de dag dat een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker in de brievenbus waaide. Daarin stond vermeld dat de doktersassistente het uitstrijkje ging doen. Ik besloot voortaan een papiertje bij mij te dragen: in geval van een levensbedreigende ziekte graag over de grens droppen.

Thuisbevallingen, molletjes als standaard geneesmiddel tegen alle kwalen - langzaam begreep ik waarom wij van mijn schoonvader na onze verhuizing naar Nederland een begrafenisverzekering moesten afsluiten. Hier kon je beslist niet oud worden.

Inmiddels zijn wij 15 jaar verder. Ik leef nog! Sinds kort durf ik openlijk ervoor uit te komen dat ik geen beschuit met muisjes lust. Als ik maar weer eens op Nederland en de Nederlanders scheld, wijst mijn man mij fijntjes op het feit dat ik sinds 2007 ook Nederlands staatsburger ben. 'Ja', antwoord ik  dan, 'met de klemtoon op óók!'
'Wilhelmus van Nassouwe ben ik, van Duitsen bloed...'

Inga kommentarer:

Skicka en kommentar